BTW Sportvrijstelling

15 januari 2019

Per 1 januari 2019 wordt de btw-sportvrijstelling verruimd. Vanaf dat moment geldt deze vrijstelling niet alleen voor sportverenigingen, maar ook voor exploitanten van sportaccommodaties (o.a. gemeenten en stichtingen).

 

Situatie tot 2019

In Nederland vielen sportverenigingen onder de btw-sportvrijstelling. Dat betekent dat ze over ontvangen contributies geen btw hoeven af te dragen. Exploitanten van sportaccommodaties vielen daarentegen niet onder die vrijstelling. Wel was voor hen het ’Sportbesluit’ van toepassing. Het ‘Sportbesluit’ houdt in dat als er sprake is van ‘het gelegenheid geven tot sportbeoefening’ er (onder voorwaarden) een verlaagd btw-tarief van 6% van toepassing was. De exploitant (gemeente of stichting) van een sportaccommodatie betaalde dan wel 6% btw over haar inkomsten, maar kon aan de andere kant de btw (meestal 21%) volledig aftrekken. Dat leverde een belastingvoordeel op.

 

BTW vrijstelling vanaf 2019

In 2013 oordeelde het Europese Hof dat de btw-sportvrijstelling niet alleen beperkt mag blijven tot sportverenigingen. In 2017 heeft het kabinet bekendgemaakt dat de btw-sportvrijstelling in 2019 inderdaad wordt verruimd. Exploitanten van sportaccommodaties hoeven dus ook geen btw meer te betalen over hun inkomsten. Deze verruiming van de vrijstelling klinkt positief. Dat werkt in de praktijk echter anders. Hoewel exploitanten van sportaccommodaties geen 6% (nu 9%) btw meer hoeven af te dragen, verliezen ze ook hun recht op aftrek van btw (meestal 21%). Het belastingvoordeel raken ze dus kwijt.

 

Compensatie

De maatregel leidt tot een opbrengst voor het Rijk van 241 miljoen euro in 2019. Voor gemeenten en sportverenigingen leidt de maatregel echter tot een financieel nadeel. Het financiële nadeel kan door exploitanten worden doorberekend aan de gebruikers. De gebruikers zijn vaak sportverenigingen, die op hun beurt de extra kosten zouden kunnen of misschien noodgedwongen moeten verrekenen in de contributie. Met als gevolg dat sporten duurder wordt.

Omdat de wetswijziging een gevolg is van Europese regelgeving en geen bezuinigingsmaatregel is, laat het kabinet de opbrengst van de belastingmaatregel echter terugvloeien naar de sport. Voor gemeenten is er daarom een compensatieregeling in het leven geroepen en voor sportorganisaties is er een subsidieregeling ontworpen.

 

Lees meer

Bron: https://www.allesoversport.nl/artikel/verruiming-van-de-btw-sportvrijstelling-wat-zijn-de-gevolgen/